Woordenboek

A
B
C
D
E
F
G
H
I
J
K
L
M
N
O
P
Q
R
S
T
U
V
W
X
Y
Z
Aanwijzer
Dit is het pijltje

op je computer. Dit pijltje bestuur je met je muis of met het touchpad van een laptop.
Bestand
Iets dat is opgeslagen op je computer. Dit kan bijvoorbeeld een opgeslagen tekst zijn, of een foto.
Bouwen
Een website klaarmaken voor het internet. Hierbij worden de webpagina's omgezet in HTML-taal.
Clipart
Kleine tekeningen die soms bewegen en die je kunt toevoegen aan een webpagina.
Domeinnaam
Een uniek webadres op het internet. De verschillende onderdelen van een domeinnaam worden van elkaar gescheiden door een punt, bijvoorbeeld www.olifanten.com.
Ftp-adres
Het adres van de webruimte bij de webhostingservice. Dit heb je nodig om je website op internet te zetten.
Gebruikersnaam
De naam waarmee je op je computer werkt. Op een computer kunnen meerdere gebruikersnamen staan waaruit je kunt kiezen. Sommige gebruikersnamen kun je alleen kiezen met een wachtwoord.
Grafische tekst
Een tekst met een verloop van twee kleuren en schaduw.
Groeperen
Het maken van een groep van twee of meer tekstvakken, afbeeldingen of vormen.
Handvatten
Blokjes op de rand van een afbeelding waarmee de afbeelding vergroot of verkleind kan worden.
Homepagina
De pagina die je als eerste ziet als je een website opent. Ook wel Homepage genoemd.
HTML
HTML is de taal die op internet wordt gebruikt.
Installeren
Een programma, bijvoorbeeld Web Easy, op je computer zetten.
Internet Explorer
Dit is een programma op je computer waarmee je webpagina's op internet kunt bekijken.
Internet-aanbieder
Het bedrijf dat ervoor zorgt dat je internet en e-mail hebt.
Kopiëren
Als je iets kopieert, krijg je hetzelfde nog een keer. Het verschil met knippen is dat het eerste dan weg is.
Koppeling
Je kunt een koppeling toevoegen aan een afbeelding of tekst. Door te klikken op de afbeelding of tekst gebeurt er iets. Je gaat bijvoorbeeld naar een andere webpagina.
Menu
Een lijst met woorden of plaatjes waar je op kunt klikken om naar een andere webpagina te gaan.
Menuknop
Een knop waar je op kunt klikken om naar een andere webpagina te gaan.
Opslaan
Iets op je computer zetten zodat je het later weer kunt bekijken of veranderen.
Pixels
De puntjes waaruit een digitale foto is opgebouwd.
Profiel
In je profiel vul je je gegevens in zoals je gebruikersnaam en je wachtwoord.
Publiceer-assistent
Met de Publiceerassistent kun je je website op internet plaatsen.
Publiceren
Het plaatsen van je website op internet.
Registreren
Gegevens invullen en opsturen naar de verkopers van een programma, zoals Web Easy. Door het registreren kun je bijvoorbeeld hulp krijgen bij problemen met het programma.
Rich text
In een vak met rich text kunnen de woorden er verschillend uitzien. Het ene woord kan bijvoorbeeld vet zijn en het andere niet.
Schuifblok
Soms zie je maar een klein stukje van een hele lijst of venster. Door te schuiven met het schuifblok kun je ook de rest van de lijst of het venster zien.
Selecteren
Je selecteert een tekstvak door er op te klikken. Je selecteert een tekst door er met de muisknop ingedrukt overheen te slepen. Na het selecteren, kun je iets met het tekstvak of de tekst doen.
Serienummer
Nummer dat je bij een programma, zoals Web Easy, hebt gekregen. Dit nummer heb je nodig om het programma te kunnen installeren.
Sjabloon
Websites in Web Easy die je kunt gebruiken om je eigen website te maken.
Stijlontwerper
Met de Stijlontwerper kun je een sjabloon en een kleurenschema kiezen. Daarna kun je het sjabloon veranderen om er je eigen website van te maken.
Taakbalk
De balk onder op het bureaublad. Op de taakbalk staan de programma's die open staan.
Tabblad
Soms bestaat een venster uit meerdere tabbladen. Er is altijd één tabblad geopend. Door te klikken op één van de andere tabknoppen, kun je een ander tabblad openen.
Tekst zonder opmaak
In een vak met tekst zonder opmaak zien alle woorden er hetzelfde uit.
Uitlijnen
Je kunt tekstvakken, afbeeldingen en vormen links, rechts, boven of onder uitlijnen. Als je bijvoorbeeld twee vormen boven uitlijnt, komen ze aan de bovenkant precies even hoog te staan.
Update
Een verbetering van een programma.
Vastzetten
Als je vormen hebt vastgezet, kun je ze niet meer selecteren. Ze kunnen dan niet verschuiven tijdens het werken. Je kunt vormen ook weer los maken.
Venster
Een rechthoeking gebied op je beeldscherm waar iets in staat.
Verloop
Kleuren die overlopen van een beginkleur naar een eindkleur.
Vormen
Dit zijn bijvoorbeeld rechthoeken, vierkanten en lijnen. Met vormen kun je de indeling van een webpagina duidelijk maken.
Wachtwoord
Een geheim woord. Met dit woord kun je inloggen bij de webhostingservice.
Webadres
Het adres van je website, bijvoorbeeld www.studiosteps.nl
Webhosting-bedrijf
Een bedrijf waarbij je een abonnement op webruimte kunt nemen.
Webruimte
Een ruimte op internet waarop je je website plaatst.
Websiteassistent
De Websiteassistent helpt je bij het maken van je website. Je kiest een sjabloon, vult gegevens in en Web Easy maakt je website.
Websitevoorbeeld
Je kunt de website die je in Web Easy maakt, openen in bijvoorbeeld Internet Explorer. Je kunt dan bekijken hoe de website er op internet uit komt te zien.
Windows
Besturingssysteem van de computer. Windows zorgt ervoor dat alle programma's die op je computer staan, goed kunnen samenwerken met alle computeronderdelen, zoals het beeldscherm en de brander.
Zoekmachine
Website waar je mee kunt zoeken op internet. Door het intypen van één of meer woorden worden websites opgezocht. In Web Easy kun je ook zoekwoorden intypen, zodat andere mensen jouw website kunnen vinden.
Zoekwoorden
Woord waarmee je wilt zoeken in een zoekmachine.